Procesgericht werken aan kwaliteit

Procesgericht werken aan kwaliteit

Twee recente onderzoeken, uitgevoerd door CEGO KU Leuven in 2015-2017 laten een positief effect zien van procesgericht werken en de inzet van interventies op de beleving (welbevinden en betrokkenheid) van kinderen binnen de kinderopvang en onderwijs. Onderzoeker Bart Declercq beschrijft de aanpak en bevindingen

Een onderzoek naar procesgericht werken aan kwaliteit

Onder leiding van prof. dr. Ferre Laevers werd op Vlaamse basisscholen en in de kinderopvang in Nederland  onderzoek gedaan naar welbevinden en betrokkenheid van kinderen. Dit pilotproject bestond uit een combinatie van intensieve trainingen, coaching, interventies en een flankerend onderzoek.  In Vlaanderen betrof het 35 klassen in vier scholen. Er zijn hierbij 340 kinderen geobserveerd. In Nederland werd het onderzoeksproject uitgevoerd bij ‘Wij zijn jong’  en ‘Onderwijs Maak Je Samen’.  Dit onderzoek betrof 60 groepen verdeeld over 22 locaties, hier zijn 520 kinderen geobserveerd.

Voor het flankerend onderzoek werd op drie manieren data verzameld:

 

  1. Externe observatoren observeerden welbevinden en betrokkenheid in de groep/klas
  2. Pedagogisch medewerkers, leerkrachten, ouders en kinderen (PO) zijn bevraagd over hun beleving
  3. Kind gegevens over welbevinden en betrokkenheid, ingevuld door pedagogisch medewerkers en leerkrachten, zijn digitaal verzameld in LOOQIN.

 

Focus op welbevinden en betrokkenheid

Het conceptuele kader voor beide onderzoeken is de procesgerichte aanpak. De beleving van onder andere kinderen, medewerkers en gezinnen is het startpunt. We kijken in het proces naar de kwaliteit van de ervaring via twee indicatoren: De mate van welbevinden (hoe voelt het kind zich?) en de mate van betrokkenheid (hoe geboeid is het kind bezig?)

Alleen aandacht geven aan het emotioneel welbevinden en een positief klimaat is niet voldoende. Inspanningen om betrokkenheid te stimuleren hebben vaak pas echt effect als kinderen zich thuis voelen in de groep of klas en vrij zijn van emotionele bekommernissen.

Met welbevinden en betrokkenheid als toetssteen van kwaliteit zie je hoe (vaak) eenvoudige ingrepen direct impact hebben op ‘de kwaliteit van de ervaring’: Ruimtes herschikken, andere materialen aanbieden, een meer sensitieve omgang… Welbevinden en betrokkenheid bieden directe feedback over de kracht van de leef- en leeromgeving.

Ook de effecten van een hoog welbevinden en hoge betrokkenheid zijn groot: De ervaring van vele situaties van hoog welbevinden heeft een grote impact op de persoonsontwikkeling. Het draagt bij tot geestelijke gezondheid en goed in je vel zitten, een positief zelfbeeld, zelfvertrouwen en weerbaarheid. Hoge betrokkenheid staat garant voor ontwikkeling-in-de-diepte en versterkt de exploratiedrang. En dat is de beste garantie voor levenslang leren.

  

Wat heeft het ons gebracht?

De kernvraag van het onderzoek was: Hoe evolueert het welbevinden en betrokkenheid in de loop van het jaar en welke verbanden kunnen we zien?

Bij de pre-metingen zijn zowel de inschattingen van pedagogisch medewerkers en leerkrachten, als de waarnemingen van externe observatoren in beeld gebracht. Hierbij vielen de leerkracht inschattingen iets gunstiger uit dan die van de externe observatoren. Bij de pre-meting voor welbevinden door leerkrachten bevindt 16 tot 34% van de kinderen zich in de ‘rode of oranje zone’, voor betrokkenheid is dat 20 tot 50%. Welbevinden is kennelijk makkelijker te realiseren dan betrokkenheid. De observatoren stellen vast dat voor betrokkenheid 5 tot 17% van de kinderen op een bij toeval gekozen moment een lage score behaald.

Zoals gezegd werden leerkrachten en pedagogisch medewerkers gedurende de looptijd van het onderzoek ondersteund door een combinatie van intensieve trainingen, coaching en het plegen van interventies.

Vanuit de post-meting worden drie opvallende bevindingen geconstateerd:

  1. Er is een significante stijging van de gemiddelde geobserveerde betrokkenheid zowel in kinderopvang, als in het basisonderwijs. Ook de inschattingen van betrokkenheid door leerkrachten via LOOQIN gaan betekenisvol vooruit. De inschattingen van welbevinden waren reeds hoog bij aanvang en gaan niet vooruit. Het geobserveerde welbevinden in de kinderopvang gaat significant vooruit.

 

  1. Er is een sterke samenhang tussen welbevinden, betrokkenheid en de aanpak (aanbod, organisatie, sfeer en relaties, leerkrachtstijl en mate van initiatief). We stellen dit vast in de kinderopvang en het onderwijs. De aanpak heeft telkens een enorme impact op de vastgestelde verschillen in zowel het geobserveerde als ingeschatte niveau van welbevinden en betrokkenheid.

 

  1. Er is een sterke samenhang tussen welbevinden en betrokkenheid van kinderen en van pedagogisch medewerkers en leerkrachten. Medewerkers die zich in het algemeen op de locatie goed voelen (hoog welbevinden) en hun werk boeiend vinden (betrokkenheid) schatten hun kinderen ook hoger in voor welbevinden en betrokkenheid. Meer nog dan bij andere variabelen zien we dit als een circulair proces. Een medewerker die het welbevinden en de betrokkenheid van de kinderen hoog inschat, zal zichzelf ook beter voelen in zijn werk. En visa versa, een medewerker die zichzelf goed voelt in zijn werk zal een positieve invloed hebben op de beleving van kinderen. Dit is een zelfversterkend effect, waaraan we tevens de hogere relatie met aanpak in rekening moeten brengen. Hogere betrokkenheid komt er niet vanzelf: het vraagt een krachtige en positieve aanpak.

 

Het positieve effect van procesgericht werken

  • We concluderen dat een design waarbij innovatieve initiatieven in de praktijk, gekoppeld aan een flankerend onderzoek werkt. Het design brengt de participerende locaties op het spoor van een transformatieproces waardoor zij bij afsluiting van het onderzoek met succes verder aan hun kwaliteit kunnen werken. Aandacht voor de beleving van kinderen is deel gaan uitmaken van het DNA van de deelnemende voorzieningen.

 

  • Met teams op weg gaan naar een aanpak waarin alle medewerkers hun kijk op het welbevinden en de betrokkenheid van kinderen aanscherpen, werkt. De screening van kinderen, intensieve training en coaching en de vertrouwdheid met een ondersteunend digitaal volgsysteem brengt locaties in kinderopvang en onderwijs in beweging. Bovendien is het conceptueel kader toegankelijk en begrijpbaar voor medewerkers om nog sterker in te spelen op individuele behoeften en noden van kinderen.

 

  • De beleving van medewerkers en kinderen gaan hand in hand: medewerkers die hogere scores rapporteren voor welbevinden en betrokkenheid van kinderen, geven ook voor zichzelf een hogere mate van welbevinden en betrokkenheid aan. Daarmee is aangegeven dat het pad naar een aanpak waarin je je meer in kinderen leert verplaatsen, een empowerend effect heeft: zien dat kinderen het goed maken geeft je als medewerker het gevoel dat je het verschil kan maken.

 

  • En er is een duidelijke toename in kwaliteit. Het flankerend onderzoek maakt duidelijk dat het beoogde proces tot resultaten leidt: meer welbevinden en betrokkenheid bij kinderen is er niet bij toeval maar ze zijn het gevolg van waarneembare veranderingen in de aanpak.

 

 

 

 

Met dank aan de basisscholen van Vlaanderen, Wij Zijn Jong en Onderwijs Maak Je Samen

 

Meer info en contactgegevens

CEGO KU Leuven, Schapenstraat 34, B-3000 Leuven

Cego.onderzoek@kuleuven.be

http://expertisecentrum.cego.be